Naar inhoud springen

teammanager

Uit WikiWoordenboek
  • team·ma·na·ger
enkelvoud meervoud
naamwoord teammanager teammanagers
verkleinwoord

de teammanager m

  1. (beroep) de zakelijk leider van een sportploeg
    ▸ "We hadden kleedkamers. Dat was al een hele ervaring", vertelde teammanager Dara Carroll aan CNN. "We hadden nog nooit kleedkamers gehad. We hebben ons altijd omgekleed achter tribunes of waar we maar konden."[2]
    ▸ Corona. Richard Plugge, de teammanager van Jumbo-Visma, had niet gedacht dat hij het er twee dagen voor de start van de Giro d'Italia nog over moest hebben, maar drie van zijn renners kunnen door coronabesmettingen zaterdag niet starten in de eerste grote etappekoers van 2023.[3]
  1. ↑ teammanager op website: Etymologiebank.nl
  2. ↑ Bronlink geraadpleegd op 24 maart 2024 Weblink bron “Na boycot is Zuid-Afrika verrassing op WK: 'Teamgenoten noemen me de kostwinner'” (5 augustus 2023, 12:42), NOS
  3. ↑ Bronlink geraadpleegd op 24 maart 2024 Weblink bron “Jumbo-Visma voor start Giro getroffen door coronagolf: 'Gaat als een dolle rond'” (4 mei 2023, 22:49), NOS