Assembleelid
Uiterlijk
- Geluid: Assembleelid (hulp, bestand)
- IPA: / ˌɑsɑmˈblelɪt / (4 lettergrepen)
- As·sem·blee·lid
- samenstelling van Assemblee zn en lid zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | Assembleelid | Assembleeleden |
| verkleinwoord |
het Assembleelid o
- (politiek) iemand die lid is van een parlement of algemene vergadering
- ▸ Het onderwerp 'dubbele nationaliteit' ligt gevoelig in Suriname. "Het antikoloniale sentiment heeft jarenlang een wetswijziging tegengehouden. Het was assembleelid Melvin Bouva van de regeringspartij NDP die de dubbele nationaliteit weer eens aankaartte, maar de oppositie was er sneller bij en diende het wetsontwerp in", vertelt Krishnadath.[1]
- Het woord Assembleelid staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑
Weblink bron Harmen Boerboom“Het is nu menens. Suriname wil naar WK 2018” (29-12-2014), NOS
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Politiek in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal